25/01/2011-
Dat men geen regering zal vormen met de zeven partijen die nu onderhandelen over een staatshervoming is al lang duidelijk. Bart De Wever heeft het zelfs met zoveel woorden gezegd in een interview met Der Spiegel. De N-VA stapt niet in een federale regering, want dan zal ze volgende verkiezingen verliezen, zijn de letterlijke woorden van de populairste politicus van Vlaanderen. De sfeer tussen de partijen is trouwens al lang onder het vriespunt gezakt. Bij de meeste partijen halen partijpolitieke berekeningen al lang de overhand op het zoeken naar een degelijke oplossing.
De Vlaamse christendemocraten stellen hun koers volledig af op die van de N-VA. Het is amper nog te geloven dat deze partij decennia lang ons land geleid heeft. De angst waarmee zij omkijkt naar de partij die ze zelf sterk gemaakt heeft, is verlammend en contraproductief. De Franstalige socialisten (en haar annex de CDH) slagen er blijkbaar ook nog zeer moeilijk in enig begrip op te brengen voor de sociaaleconomische verantwoordelijkheidszin die vele (vooral) Vlaamse partijen vragen. Pas recent hebben Milquet en Di Rupo blijkbaar begrepen dat men langs Vlaamse zijde een regering zonder N-VA echt niet als wenselijk ziet, tenzij men echt bereid is een ander sociaaleconomisch model toe te passen.
Vijf minuten politieke moed
Het essentiële probleem van deze formatie en die van 2007 is evenwel dat er een partij in Vlaanderen de verkiezingen won die veel te veel beloftes gemaakt heeft. Yves Leterme beloofde alle BHV en andere complexe institutionele problemen van het federale België op te lossen in vijf minuten tijd, waarin hij zijn politieke moed zou tonen. Die “vijf minuten politieke moed” duren inmiddels al bijna vier jaar! Bart De Wever is gewoon de reïncarnatie van wat Yves Leterme beloofde in 2007. Het gaat om hetzelfde kiespubliek en dat publiek koos om dezelfde redenen voor de N-VA.
Politieke verwezenlijkingen worden evenwel nooit gerealiseerd in vijf minuten of een paar dagen tijd. Politiek is een spel van geven en nemen, waarbij je stap per stap de samenleving probeert te sturen in de richting die je wil. Dit proces loopt via vele tussenstationnetjes en met veel engelengeduld, diplomatie en overleg. Denken dat men de Belgische staat hervormt door langs één zijde van de taalgrens verontwaardigd te staan roepen dat men zijn verkiezingsprogramma niet zal verloochenen en de uitvoering ervan ‘onverwijld' vraagt, slaat eigenlijk op niets en is als volksverlakkerij te klasseren. Mensen horen die stellingen graag omdat het krachtdadig overkomt, maar echte politieke moed bestaat erin de mensen een realistisch beeld te geven van wat ze kunnen verwachten, wat natuurlijk niet betekent dat je geen ambitie mag uitspreken waar je heen wil.
De fabeltjesverkoperij langs Vlaamse kant is trouwens al enkele jaren aan de gang en is ook de reden waarom in Vlaanderen politici opgang maken die enkele jaren later al weer afgeschreven zijn. De hype Stevaert (het gratis verhaal), de hype Leterme (vijf minuten politieke moed), nu de hype De Wever (afrit Vlaanderen - uitweg crisis?!). Het heeft ons land er niet beter op gemaakt, maar de praatjes van deze populaire politici leken toch zo aantrekkelijk.
Uit de impasse raken
Het realiseren van een grote staatshervorming loopt trouwens via het overtuigen van de publieke opinie aan de andere kant van de taalgrens. Het is ook om die reden dat Johan Vande Lanotte tot hiertoe het verst geraakt is in de onderhandelingen. Hij geniet een vertrouwen langs de beide zijden van de taalgrens. Dat is absoluut noodzakelijk om de sfeer te verbeteren en de publieke opinies langs beide kanten van de taalgrens gerust te stellen dat men niet met hun toekomst speelt ten voordele van die van de eigen taalgroep. Yves Leterme en Bart De Wever hebben beiden de verkiezingen gewonnen door zich af te zetten tegen de andere grote gemeenschap in dit land. Net om die reden zullen zij er nooit in slagen om het voortouw te nemen voor een grote staatshervorming.
Idem dito trouwens voor wat de intrede betreft van de Franstalige liberalen in de onderhandelingen. In feite is die intrede niet zinvol, omdat het FDF (de Brusselse francofone vleugel van de partij), geen enkel vertrouwen geniet in Vlaanderen. Het FDF zal trouwens nooit aanvaarden wat Johan Van De Lanotte nu op papier gezet heeft in zijn nota. En die nota vormde toch een basis voor gesprekken voor vijf van de zeven onderhandelende partijen (een waar succes). Het lijkt tot hiertoe de meest aansprekende manier om uit de impasse te raken.
Een intrede van de Vlaamse liberalen is op dat vlak minder problematisch. De vraag die zich stelt is of Open VLD bereid zal zijn om op basis van de nota Vande Lanotte te onderhandelen, of zij zich zal aansluiten bij de strategie van CD&V die haar karretje hangt aan dat van Bart De Wever. Indien het laatste gebeurt, is de toegevoegde waarde van Open VLD klein. De partij zou enkel kunnen dienen om het beleid sociaaleconomisch bij de echte regeringsonderhandelingen bij te sturen, maar of de andere partijen op dit vlak veel meer gaan toegeven omdat Open VLD aan tafel zit, is maar zeer de vraag. De contacten tussen Open VLD en N-VA lijken trouwens nu toch wel echt de genadeslag voor het vertrouwen tussen de zeven onderhandelende partijen. Waarom geeft men dit dan niet gewoon toe? Het zou ons heel wat tijd besparen.
Geen echte federale verkiezingen
In feite zou de trekker van de volgende staatshervorming op campagne moeten trekken in het andere landsgedeelte om burgers te overtuigen dat de staatshervorming ook voor hen een toekomst met perspectieven biedt. In ons kiessysteem wordt dat niet aangemoedigd. Bij ons worden politici aangespoord zich te laten verkiezen op basis van stoere verklaringen tegenover de politici van de andere gemeenschap (die met alle zonden van Israël beladen worden), maar waarop wij niet kunnen stemmen. Wij kennen geen echte federale verkiezingen. Ons nationale verkiezingen zijn eigenlijk te vergelijken met een verkiezing van de president van de VS binnen één staat, waarbij de andere 49 staten zich dan maar moeten neerleggen bij wat in die ene staat beslist is. Als dat dan niet lukt, reageren we verontwaardigd…. Er is eigenlijk geen enkele federale logica in ons kiesstelsel. Dat is de essentiële reden waarom ons land geblokkeerd blijft. Politici hebben bij ons geen enkel belang om zich nog iets aan te trekken van de publieke opinie aan de andere kant van de taalgrens. Zolang dit niet aangepakt wordt, zal het federaal systeem dezelfde problemen kennen als vandaag.
Men kan dan ook maar twee dingen doen: ofwel België helemaal opdoeken (wat ons veel geld en jaren tijd zal kosten zonder veel zekerheid of daar überhaupt iemand beter van wordt) ofwel het federaal systeem weer werkbaar maken. De laatste weg is de kortste weg naar stabiliteit, maar we lijken eerlijk gezegd toch meer op weg naar het eerste. Er zitten vandaag partijen aan de tafel die dit ook als einddoel hebben en hun strategie daar blijkbaar ook op afstemmen. Hoe kan je anders verklaren dat Siegfried Bracke bijvoorbeeld zegt dat de huidige voorstellen in 2007 zouden volstaan hebben, maar nu niet meer? Wie ziet daar nu nog de ernst van in?
Spelletjes
We zullen nog zien of de publieke opinie dit soort spelletjes nog lang aanvaardt. Er zal wellicht een kantelmoment nodig zijn in de vorm van echt financieel, economisch of sociaal drama om die kettingreactie los te weken. Zondag waren er 40.000 mensen op een betoging in Brussel, maar blijkbaar ging het vooral om Franstaligen. Toch is 40.000 een groot aantal voor een eerste dergelijke manifestatie. Zeker als men rekening houdt met de desinteresse die mensen vandaag hebben voor politiek in het algemeen.
De Vlaming zal echter maar in beweging komen eens zijn welvaart bedreigd wordt. En voorlopig is die bedreiging enkel sluipend onder de oppervlakte aanwezig. De Vlaming ziet nog niet (voldoende) dat hij extra belastingen betaalt om de gestegen rente op de staatsschuld te betalen of dat de sociale zekerheid en de pensioenen bij gebrek aan maatregelen binnenkort nog weinig waard zullen zijn. Zoals vaak zal wellicht weer een echte ramp nodig zijn om de Vlaming te laten inzien dat zijn welvaart bedreigd wordt. Ondertussen zullen het wellicht weer de kinderen van vandaag zijn die de voor de toekomst gemaakte schulden zullen afbetalen. De jongeren en studenten hebben groot gelijk om op straat te komen. Meer van dat!
Egbert Lachaert
|