• Egbert Lachaert

    Federaal volksvertegenwoordiger

    OCMW-voorzitter en Schepen van Sociale Zaken,
    Juridische Zaken en ICT in Merelbeke

›› Home ›› Nieuws

Lachaert neemt grendels loopbaansparen weg

6 februari 2018

Sinds kort kunnen werknemers in principe aan loopbaansparen doen. Daarmee spaar je overuren en verlof op om ze later in te zetten. “Een prima maatregel, maar het wettelijk kader is veel te strikt waardoor maar weinig werknemers van dit systeem kunnen gebruik maken. Dit dreigt een maat voor niets te worden. Nochtans is het een belangrijk instrument om werk haalbaar en werkbaar te maken”, meent Open Vld Kamerlid Egbert Lachaert. Hij dient een wetsvoorstel in dat de grendels voor werknemers en werkgevers wegneemt zodat het loopbaansparen ruimer verspreid kan geraken. 
 

De wet werkbaar en wendbaar werk uit 2017 van de regering Michel wil de loopbanen van burgers draaglijker en soepeler maken. Een belangrijke pijler van de wet is het loopbaansparen. Egbert Lachaert: “Die maatregel geeft werknemers de vrijheid om tijdens bepaalde periodes meer te werken en die tijd op te sparen om later wat minder te werken. Bijvoorbeeld om langer op reis te gaan, het huis te verbouwen of voor een naaste te zorgen. Het is een belangrijk principe dat mensen meester maakt van hun eigen loopbaan. Zo kunnen ze ook langer actief blijven op de arbeidsmarkt.”

Het loopbaansparen is sinds kort mogelijk, maar volgens het liberale Kamerlid is de wettelijke regeling zo beperkend en complex dat weinig bedrijven en werknemers er gebruik van gaan maken. Daarom dient Lachaert een wetsvoorstel in om de grendels weg te nemen. “Zo geven we deze uitstekende maatregel alle kansen, in het belang van het welzijn van de werknemers.”

Meer tijd om op te sparen

Onder de huidige wet kan een werknemer enkel extralegale verlofdagen en vrijwillig gepresteerde overuren opsparen. “Dat is bijzonder weinig ‘tijd’ om op te sparen, tijd die overigens niet alle werknemers krijgen”, vindt Lachaert. Daarom wil hij dat werknemers alle inhaalrust kunnen opsparen. “Het gaat dan om overuren, arbeid op feestdagen en zondagen, maar ook de compensatiedagen voor arbeidsduurvermindering (ADV-dagen).”

Lagere drempel voor werkgevers

Ten tweede wil Lachaert ook een aantal drempels aan werkgeverszijde wegwerken. “De wet voorzag dat het loopbaansparen eerst op sectoraal niveau moest worden uitgetekend. De sociale partners kregen zes maanden, maar bereikten geen akkoorden. Individuele ondernemingen mogen nu na die wachttijd van zes maanden zelf aan de slag met het principe. Maar de procedure is veel te log. Een individuele onderneming moet onmiddellijk het loopbaansparen kunnen invoeren, ook als de sector geen initiatief neemt. De wachttijd van zes maanden schrappen we dus.”

Daarnaast voorziet de huidige wet dat het loopbaansparen enkel met een cao kan worden ingevoerd. “Maar in vele kleine ondernemingen is er geen vakbondsvertegenwoordiging. Zij zouden die dus eerst moeten invoeren, vooraleer het loopbaansparen kan worden uitgetekend. Ik stel voor dat die kleine ondernemingen het loopbaansparen ook kunnen invoeren via een wijziging van het arbeidsreglement.” Ook versoepelt Lachaert de zware financiële verplichtingen voor ondernemers om de financiering van het loopbaansparen te waarborgen. “Dit schrikt vele bedrijven af. Ze moeten de nodige provisies voorzien, maar de huidige regeling naar voorbeeld van het SWT is te streng.”

Geen brugpensioen 2.0

Tot slot wil Lachaert voorkomen dat oudere werknemers hun loopbaanspaarpotje aan het eind van hun carrière inzetten in combinatie met een werkloosheidsvergoeding. “Op die manier ontstaat een nieuw soort brugpensioen en kunnen ouderen vlotter uit onze arbeidsmarkt treden. Dat willen we net vermijden met de loopbaanspaarrekening. Daarom moeten we in de wet schrijven dat bij een uitdiensttreding van een werknemer ouder dan 55 jaar, hij of zij het spaartegoed niet kan combineren met een werkloosheidsuitkering.” 

Voor de werking van deze website en om uw surfervaring te verbeteren worden cookies gebruikt. Meer info.